mei 2, 2015 - In Vlaanderen    No Comments

Belasting op vermogens? Begin bij de vakbonden.

Wie vandaag de krant las of nieuwssites bezocht, kon niet naast het bericht kijken dat de socialistische vakbond 60 delegées op studiereis heeft laten gaan in Cuba, meer bepaald in een vijfsterrenhotel in een gekend vakantieoord.

 

Ik blijf me ergeren aan vakbonden die aan niets of niemand verantwoording verschuldigd zijn. Ze hebben geen rechtspersoon, je kan ze niet voor de rechtbank dagen. Ze hebben enkel rechten, geen plichten.

Ze zitten op enorme kapitalen. Ze verdienen handenvol geld aan werklozen omdat ze betaald worden om deze administratie op zich te nemen. Er wordt altijd beweerd dat ze daar geen winst op maken, maar waar halen vakbonden dan de enorme massa’s geld waarmee ze zelfs banken oprichten en beheren, enorme campagnes opzetten en dus zelfs leden op vakantie laten gaan?

 

De vakbond roept dat vermogens belast moeten worden, maar hoe zit het met hun vermogen. Volksvertegenwoordiger Peter Dedecker probeert al langer de financiële knoeiboel rond het ACV in kaart te brengen. Als een bijzondere belastingsinspectie zegt dat ze maar 60 miljoen kan belasten omdat de rest verjaard is, wil dat zeggen dat er nog veel meer is.

 

Kortom, als 1 mei de feestdag van de socialisten en de vakbonden is, laat 2 mei dan de dag worden waarop alle werkende mensen, zowel werknemers als bedrijfsleiders, profijt kunnen doen aan vakbonden die transparant en verantwoordbaar zijn. Laat ons belastingen heffen op hun vermogens. Dat kan pas eerlijk gebeuren als vakbonden transparant moeten zijn over hun vermogen. Laat het rekenhof hun boeken doorlichten elke tweede mei. Dan pas kunnen we echt feesten.

apr 16, 2015 - In Vlaanderen    No Comments

Intercommunales moeten geen vennootschapsbelasting betalen

De laatste dagen gonst het in de pers dat onze elektriciteit, water en huisvuilzakken duurder zullen worden omdat de federale regering besliste dat intercommunales voortaan vennootschapsbelasting moeten gaan betalen. Deze intercommunales lieten prompt weten dat ze deze “kost” zullen doorrekenen aan hun klanten.

 

Als bedrijfsleider vind ik die redenering raar. Ik beschouw belastingen niet als een kost. Meer nog, ik ben enkel vennootschapsbelasting verschuldigd op mijn winst. Winst die bestaat uit het overschot van inkomsten min kosten. Belastingen worden dus berekend op wat er overblijft nadat je de kosten hebt betaald.

 

Er is dus een heel simpel systeem om geen belastingen te moeten betalen. 33% van 0 euro winst is 0 euro belastingen. En moet een intercommunale winst maken? In mijn ogen is een intercommunale iets in de aard van een vzw. Het is een samenwerkingsverband tussen gemeenten om een gemeentelijke taak gezamelijk uit te voeren en zo via schaalvoordelen een lagere kost te hebben. In die doelstelling lees ik niks over de noodzaak van winst te maken.

 

Natuurlijk gaat het in werkelijkheid anders. In Knesselare betalen we al jaren veel te veel bijdragen aan IVM waardoor IVM jaar na jaar grote overschotten boekt. Om maar één voorbeeld te noemen. Dat is geld die aan de democratische controle van de gemeenteraad onttrokken wordt, meer bepaald aan de controle van de oppositie. Want die spaarpotten worden beheerd door de intercommunales zelf, die op hun beurt bestuurd worden door vetbetaalde directies en bestuurders, aangeduid door meerderheden en steunend op vette zitpenningen, leuke cadeau’s en smeuiige diners na afloop van bestuursvergaderingen waar het gemeenteraadslid in kwestie in al zijn onkunde maar meestemt met wat die vetbetaalde directeurs aandragen.

 

Voor mij kan het simpeler: als de afvalintercommunale 1 miljoen kosten heeft aan de afvalverwerking en 1,2 miljoen bijdragen factureert aan de gemeenten en nog eens 0,5 miljoen verdient aan afvalverwerking van bedrijven, dan is er een winst van 0,7 miljoen. Wel, dan moeten ze maar een creditnota opmaken aan  de gemeenten voor dat bedrag. Resultaat: minder kosten voor de gemeenten en minder belastingen voor hun burgers. En ook geen vennootschapsbelasting voor de intercommunale.

 

Dus in plaats van meer aan de burger aan te rekenen, wordt het tijd om net minder te rekenen.

apr 6, 2015 - In Vlaanderen    No Comments

Ben ik een relatieve kunstracist?

Die vraag houdt me nu al een tijdje bezig. Ik ben iemand die principieel tegen wetgeving is die meningen wil controleren. Vrijheid van mening is absoluut, de vrijheid om ze te uiten is al iets minder absoluut, maar moet naar mijn inziens toch zo ruim mogelijk geïnterpreteerd worden. Het is pas mis als er daden uit volgen die onze maatschappij als onaanvaardbaar beschouwd dat er moet opgestreden worden, naar mijn mening.

 

Vanuit dat standpunt kan ik al duidelijk zeggen dat oproepen tot discriminatie – waarbij zowel de oproep als het gevolg beiden een daad zijn, zeker strafbaar moet zijn. Of het hebben van een racistische mening strafbaar moet zijn? Neen, zeker niet. Moet het uiten van die mening strafbaar zijn? Moeilijke vraag.

 

Alles wordt nog veel moeilijker als we eerst naar de basis gaan: wat is racisme? En daar komt de kat op de koord: het begrip racisme, de definitie ervan, is alvast relatief, zeker tegenover de tijd en volgens mij ook volgens de omstandigheden.

 

Het is alvast niet zo dat omdat iemand die zichzelf tot slachtoffer verklaart of beschouwt roept dat het racisme is, dat het zo is. Volgens mij zit daarin de nuance die Bart De Wever terecht probeerde te duiden en die ik met hem deel. Racisme is relatief in die zin dat niet alles wat beticht wordt van racisme, dat ook is. En dat is, sorry dat ik het zeg, soms, ten dele, of soms helemaal te wijten aan de geviseerden.

 

Laat ik een voorbeeld geven… Ik zoek nog steeds bijkomend personeel om mijn bedrijf te laten groeien. Voor de meeste functies is dagelijks mondeling en schriftelijk contact met de klanten nodig, vaak in stressvolle situaties waarin taal en haar nuances belangrijk (kunnen) zijn. Aangezien het merendeel van mijn klanten Vlaams spreekt, verwacht ik niet minder dan dat mijn personeel die taal spreekt op het niveau van “buitenmatig goed” tot “moedertaal”.

Als ik dan een sollicitant voor me heb, die dat niveau niet haalt, is er een basisvoorwaarde onvervuld om aangeworven te worden. Of die kerel nu Zjos van Aaaaantwaerpen noemt, of Djzadabillah van hetzelfde Aaaaantwaerpen, maakt me niet uit. Zowel Zjos als Djzadabillah zullen een njet krijgen als ze de taal niet spreken.

 

Als op dat moment Djzadabillah roept dat ik een racist ben, ben ik dat dan ook? Ben ik racistisch omdat bij Djzadabillah als eerste vraag peil naar zijn talenkennis? Of ben ik dan gewoon door feiten en ervaringen redenerend aan het peilen naar een tekort dat ik vaker tegenkom bij een bepaalde bevolkingsgroep, met name een onvoldoende kennis van onze taal?

Als dat racisme is, dan kan ik niet anders dan schuldig pleiten. Maar ik meen van niet. Als ik Djzadabillah per definitie uitsluit omwille van zijn afkomst en hem niet eens de kans geef zijn taalniveau te komen bewijzen: ja, dan ben ik een discriminant en stel ik een daad, waarvan deze maatschappij het recht heeft die strafbaar te beschouwen.

 

Maar Bart De Wever heeft gelijk dat de term “racisme” te vaak gebruikt, zelfs misbruikt is, door mensen die hun tekortkomingen daaronder willen verschuilen. En ja, het zal ook wel zo zijn dat die tekortkomingen er kunnen gekomen zijn als gevolg van racisme, maar langs de andere kant geloof ik dat onze maatschappij in Vlaanderen zoveel kansen biedt qua onderwijs, dat wie die kans wil grijpen, ze ook kan grijpen. Ik ben dus iemand die minder medelijden zal hebben dan de gemiddelde socialist met hen die deze kansen niet gegrepen hebben.

 

Als Djzadabillah na zijn mislukte sollicitatie “racisme” roept, dan bewijst hij zichzelf en andere allochtonen een slechte dienst. En dat je deze reactie bovengemiddeld vaker tegenkomt bij bepaalde groepen, zoals Bart De Wever stelt, neem ik ook aan op basis van mijn ervaringen.

 

Wat Abu Zaza betreft: die man heeft wat mij betreft het bovenstaande truukje van misplaatst racisme roepen tot kunstvorm verheven. Aangezien kunstliefhebberij subjectief is, staat het me vrij die kunst niet te appreciëren. Misschien ben ik dus ook een kunstracist?

 

Gelijk krijgen: je moet er geduld voor hebben

Het is niet de eerste keer en het zal ook niet de laatste keer zijn dat ik gelijk krijg van het schepencollege, zelfs al ben ik gestopt met de Knesselaarse politiek.

 

Deze keer in het dossier van de N461 oftewel de Middelweg in Ursel. Toen in 2009 de weg werd overgedragen aan de gemeente, heb ik in de gemeenteraad van 8 april 2009 gepleit om verder te onderhandelen. “De prijs van 700.000€ die de provincie betaalde om van de weg af te geraken was te laag”, zei ik toen al. Vooral omdat die niet in goede staat was en we dus snel zelf zouden opdraaien voor extra kosten. Ik had toen ook een vergelijking gemaakt met wat andere gemeenten kregen, maar ik zag het allemaal verkeerd volgens Fredy Tanghe en ik joeg op spoken.

 

Wat lees ik vandaag in Het Laatste Nieuws:

“De Middelweg krijgt een nieuwe asfaltlaag tussen het dorp en de grens met Aalter”, zegt schepen Herlinde Trenson (Groep 9910). “We voorzien voor dat werk dit jaar 675.000 euro. We hebben de Middelweg enkele jaren geleden overgenomen van de provincie en hebben daar toen 700.000 euro voor gekregen. Veel te weinig, als je ziet dat we dat geld al nodig hebben bij de eerste vernieuwingswerken.

 

Dankuwel Herlinde, om mits wat uitstel en geduld te zeggen dat de oppositie (weer) eens gelijk had en jullie toen dus beter hadden moeten luisteren en neen zeggen op het gemakkelijke geld. Maar laat het ons gewoon op Tanghe steken, hij was per slot van rekening verantwoordelijk voor financiën.

Tegelijk hoop ik dat dit al meteen een teken is van het nieuwe bestuur waar ik een paar dagen geleden op hoopte met Erné De Blaere als burgemeester. Mensen, op deze manier krijg ik terug zin om aan politiek te doen…

 

jan 7, 2015 - In de wereld    No Comments

Je Suis Charlie: durven we ons gedacht nog zeggen?

Je Suis CharlieDe moorden die vandaag gebeurd zijn, is geen moslim terrorisme. Dit is niet het geweld van een religie, dit is niet de keuze die miljoenen moslims ter wereld maken. De islam telt bij mijn weten meer mensen die dit geweld ook afkeuren, dan dat er moslims zijn die nu hoera roepen.

Maar, dat gezegd zijnde, is iedere persoon – moslim of niet – die nu goedkeurend mompelt bij deze aanslag of deze massamoord probeert te relativeren, is er één te veel. Dit geweld tegen vrije meningsuiting is onaanvaardbaar en is meer dan een brug te ver.

 

Het is nog geen week geleden dat ik ageerde tegen een socialistische burgemeester die de vrije meningsuiting aan banden wil leggen. Sommige mensen reageerden met “dat is zo erg toch niet?”. Denken zij dat nu ook van de moorden in Frankrijk? Of kunnen we nu eindelijk zien dat we naar een wereld gaan waarin onverdraagzaamheid de boventoon viert en waar andere meningen niet meer verdragen kunnen worden, tot op het punt dat ze overheidsgewijs of geweldadig bestreden (moeten) worden?

 

En toch… Ik kan hier nu duidelijk een standpunt innemen waarvan ik weet dat ik niet alleen sta. Twitter ontploft met de hastag #JeSuisCharlie. Tegelijk moet ik bekennen dat ik me ook al wel eens heb ingehouden met mijn gedacht te zeggen of te schrijven op mijn blog, met de bedenking “ja laps, als ik dit u schrijf, moet ik opletten of ze pakken mij ook nog eens aan”. Word ik een bangerik naarmate ik ouder word? Ik kan wel zeggen dat ik door ouder te worden, wel vaker bedenk dat ik niet enkel aan mezelf moet denken, maar ook aan mijn kinderen. Die gedachte heeft me inderdaad al weerhouden mijn mening neer te schrijven uit schrik voor deze of gene, al dan niet Moestafa genoemd of niet.

 

En dat vind ik eigenlijk erg. Want dan denk ik opnieuw aan mijn kinderen. Moeten zij een wereld erven waarin ze schrik moeten hebben om hun mening te verkondigen? Een wereld waarin een gedachtenpolitie of -militie op de loer ligt om je te betrappen op een fout idee?

 

Hiermee hebben de terroristen eigenlijk al gewonnen. Want terreur is een oorlog in angst en ze zijn er in geslaagd angst als normale reactie in onze harten te planten. Net zoals ik me al heb ingehouden om iets neer te schrijven, is iedereen al slachtoffer van de angst. Ik las daarstraks “lafaards” als reactie op het feit dat AP al een pak foto’s heeft gecensureerd. Een begrijpbare reactie, maar ik stel hier de vraag “wie van ons is al niet eens een lafaard in deze geweest?”.

 

Politieke CorrectheidPolitieke correctheid is eigenlijk een gestileerde vorm van die lafheid. Het is niet politiek correct om te zeggen dat je schrik hebt van de islam. Het is not done om te zeggen dat we het moeilijk hebben met moslims die naar hier komen, om te profiteren van de vruchten van onze vrije sameleving en tegelijk die vrije samenleving aanvallen net dankzij die vrijheid die ze niet hadden op de plek waar ze vandaan gevlucht zijn. Het is ongehoord om je uit te spreken tegen mensen die eisen dat onze zwembaden twee avonden per week voorbehouden zijn voor vrouwen die niet eens hun enkels mogen tonen omdat de mannen dan als een bende losgeslagen met hormonen volgespoten stieren zouden hun hoorns recht zetten.

 

Moet de aanslag van vandaag niet als gevolg hebben dat wij – samen met de moslims die niet akkoord gaan met hun broeders – vandaag zeggen “tot hier en niet verder”? De vraag is alleen: “hoe gaan we dat doen?” Want als we repressief optreden tegen de jihad, dan wakkeren we onverdraagzaamheid net aan en onverdraagzaamheid is een vorm van angst tegenover een andere mening.

Dat is de catch 22 van onze samenleving en daardoor hebben de terroristen bij voorbaat gewonnen. Net die vrijheid die ze aanvallen en van ons willen afpakken, kunnen we ogenschijnlijk enkel verdedigen door hen die vrijheid te ontnemen. Net omwille van die tegenstelling is het zo moeilijk om een antwoord te formuleren op de onverdraagzaamheid van hen tegen ons zonder dat het een ons tegen hen wordt.

 

no passaranOp één punt kunnen we wel duidelijk zijn: geweld tegen een mening kan nooit. Het geweld, de moordzucht van vandaag, moet massaal veroordeeld worden. De overheid heeft als plicht massaal jacht te maken op de daders en hen voor het gerecht te brengen. Zelfs al weten we dat na deze drie of vier met propaganda zotgestookte jongeren er nog een ander leger klaarstaat om hetzelfde te doen.

De enige remedie die echt kan werken, is tonen dat de angst niet kan zegevieren. We moeten tonen dat we onze mening niet zullen afgeven. We moeten de moed hebben de rug te rechten en door te gaan. De censuur van AP, de politieke correctheid die een bedekte vorm van censuur is, de regelneverij van CGKR tegen ons maar niet tegen hen moet stoppen.

 

Angst is enkel met moed te overwinnen. We moeten nu allemaal de moed hebben om te zeggen “tot hier en niet verder”. De moed om te beseffen dat dit niet zonder slag of stoot zal gaan. Maar het gevecht bij voorbaat uit de weg gaan uit angst, is de strijd opgeven zonder kans op slagen. Laat de aanslag van vandaag een sleutelmoment zijn waarop we zeggen “we tolereren dit niet langer” en laat ons die boodschap eensgezind uitdragen. Zoniet is onze wereld nu al om zeep.

 

Een nieuw tijdperk voor Knesselare

Nu de feestdagen achter de rug zijn – ik beschouw Driekoningen altijd als het einde van de tijd waarin we een willekeurige nieuwe dag meer vieren dan een anderen – kan ik eens stilstaan bij wat mijn politieke wensen zijn voor mijn Knesselaarse en Urselse medeburgers.

 

2014 is voor mij het jaar waarin volgens mij het scharnier werd geplaatst van het luik dat kan opengaan voor een nieuwe toekomst van Knesselare. Ik betreur de manier waarop de burgemeesterswissel heeft plaatsgevonden en ik wens de vorige burgemeester alle kansen toe om zijn probleem – van welke aard dat ook moge wezen – aan te pakken en zichzelf te herpakken. Maar ik betreur het feit dat er een wissel gekomen is niet.

 

Ik meen dat met de aanstelling van Erné De Blaere als nieuwe burgemeester een wissel op de toekomst is genomen. Ik ken Erné al vanaf de dag dat ik in de Knesselaarse politiek ben gestapt en hoewel ik het niet eens ben met al zijn keuzes – er is er vooral één die ik betreur doch begrijp, laat dat duidelijk wezen – ben ik wel overtuigd van zijn motieven, zijn ernst en zijn inzet.

Ik heb er goede hoop op dat hij een nieuw bewind zal voeren, dat er eindelijk een post Tanghe en post Schrans tijdperk kan aanbreken. Burgemeester De Blaere verstaat veel meer de kunst van overleg en communicatie, is minder eigengereid. Hij is ook absoluut een man van het volk, zonder zich daarin te verliezen en bovenal hij is intellectueel capabel voor deze job.

 

Tevens zijn er ook een aantal schepenen (niet allemaal) die volgens mij de juiste kwaliteiten hebben om mee te werken aan dit nieuwe bewind.

Het schip zal misschien maar langzaam van koers veranderen; er is immers een hoop ballast uit het verleden wat de tonnage zwaar maakt. Maar met deze kapitein aan het roer is er voor het eerst een moment aangebroken dat ik hoopvol uitkijk naar de toekomst van Knesselare. Voor het eerst voel ik niet meer de drang om dit bestuur louter te bekampen, maar wel om het een behouden vaart toe te wensen.

 

Laat dat mijn wens voor ons dorp zijn voor 2015.

jan 4, 2015 - In Vlaanderen    No Comments

Euthanasie Van den Bleeken is overlijden van justitie

Frank Van den BleekenVolgende zondag neemt Frank Van den Bleeken afscheid van het leven. Voor wie de achtergrond niet kent: Frank is een zedendelinquent, een recidivist zelfs. Hij erkent zijn probleem, zelfs in die mate dat hij zelf weigert om op parool vrij te komen. Hij beseft zelf dat hij een gevaar voor de samenleving is.

Psychiaters bevestigen dat de man geestesziek is. Hij heeft eigenlijk begeleiding nodig, een behandeling. In ons land zijn er 3900 geïnterneerden: mensen die een misdaad hebben begaan, maar niet uit keuze, wel uit het feit dat ze lijden aan één of ander geestesziekte. Een 1200-tal van hen zitten gewoon in de gevangenis, net zoals Frank, omdat er geen plaats is in gesloten instellingen. In een gevangenis is er echter geen budget noch enige andere voorziening voor psychologische begeleiding.

 

Niet te verwonderen dat Frank daarom lijdt. Hij is ziek en wordt een behandeling ontzegd. Ons land werd al meer dan tien keer veroordeeld omdat het niet voldoet aan een basisrecht zoals opgenomen in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, namelijk dat noodzakelijk behandeling onthouden mensonterend is. Amnesty schrijft jaarlijks vele brieven voor gevangenen wereldwijd die noodzakelijke behandeling onthouden worden.

 

Voor Frank is het zo ver gekomen dat er maar één uitweg meer is: de dood. Zijn dood is een symbool bij uitstek van het falen van onze justitie. We betalen topbelastingen, maar we krijgen er niet eens een menselijke justitie voor terug. Justitie faalt overal: rechtszaken verjaren, daders ontspringen de dans, fraudeurs krijgen vlot de kans hun straf af te kopen en nu als klap op de vuurpijl moet diegene die zijn probleem inziet zich wenden tot de fatale spuit als uitweg.

 

De dood van Frank is betreurenswaardig. Het is in één klap het overlijden van een justitie die al op sterven na dood was. Dit overheidsapparaat zou beter ook de finale spuit krijgen om vervolgens als een feniks te herrijzen, met een volledig nieuw aangepast Strafwetboek en een modern justitie apparaat.

 

De buitenlandse pers zal hier weer van kunnen smullen. Na het land dat zich ontdoet van doodzieke kinderen, zijn we nu ook het land waar hulpbehoevenden omwille van een falende overheid enkel nog gereguleerde zelfmoord als enige uitweg zien. Als volk zouden we ons komende zondag diep moeten schamen en sorry zeggen: “Sorry Frank dat we je niet hebben kunnen helpen; jouw dood is onze schuld.”

 

jan 3, 2015 - In Vlaanderen    3 Comments

Kenmerk van een dictatuur

Eén van de kenmerken van een (beginnende) dictatuur is het beknotten van de vrije meningsuiting, die wat mij betreft één van de fundamentele vrijheden is in een democratie en gewaarborgd door de universele rechten van de mens.

Men kan discussiëren of dit een totale vrijheid dan wel een relatieve vrijheid moet zijn. Mag alles gezegd worden? Of is dit een vrijheid die ergens grenzen heeft? Ik vind dat men het recht op vrije meningsuiting best zo breed mogelijk interpreteert. Er is het klachtmisdrijf laster en eerroof ter bescherming, maar men moet hier voorzichtig mee omspringen. Een mening, hoe verwerpelijk ook, blijft een mening en mag wat mij betreft geuit worden.

 

Verwerpelijke meningen moet men weliswaar bestrijden met correcte ideeën, met open discussies en degelijke argumenten. Maar niet met ze te verbieden. Een mening is een uiting van een gedachte en gedachten kan men niet verbieden. Als ze gaan sluimeren in het verborgene, zijn ze veel gevaarlijker.

 

Ik ben dan ook altijd alert als er ergens tekenen zijn van een overheid die deze vrijheid begint te beknotten, meestal in de naam van de democratie of althans in naam van de bescherming van de democratie. De Belgische overheid kan er al wat van: tal van meningsuitingen zijn reeds verboden in onze maatschappij.

 

Wat moeten we echter denken van een bestuur dat zelf regels uitvaardigt waarin het verboden wordt dat bestuur te beledigen? En dat bestuur is niet enkel betrokken partij en wetgever, maar ook wetgever? Enkel in een banenenrepubliek? Neen, het is vanaf heden zo in de PS-republiek Doornik. Daar mag je de burgemeester en schepenen niet meer beledigen op sociale media of je krijgt een GAS boete.

Dus voor alle duidelijkheid: de gemeentelijke overheid is er tegelijk betrokken partij, wetgever en rechter. Sorry, maar voor zijn dat alle kenmerken van een dictatuur in één verenigd.

 

Daarom dat ik er ook tegenin ga. Ik heb vandaag het volgende op twitter gezet:

Ik ben echter een gezagsgetrouwe burger dus heb ik mezelf aangegeven:

Ik hoop dat men mij een GAS-boete gaat geven. Dan heb ik een reden om dit reglement aan te vechten. Want volgens is dit echt een brug te ver en hoop ik dat er organisaties zijn die met mij zullen strijden voor het echte behoud van onze echte vrijheden.

 

dec 14, 2014 - In Vlaanderen    No Comments

Het ultieme bewijs dat de stakingen geen draagvlak hebben

Gisteren schreef ik het volgende op mijn facebook:

Het feit dat je als vakbond werkwilligen en bedrijven moet blokkeren, toont aan dat slechts een minderheid wil staken. Immers, indien een meerderheid zou willen staken, heb je geen blokkades nodig om alles stil te leggen. Blokkades zijn dus het bewijs dat je als minderheid je wil aan een meerderheid wil opleggen. De meerderheid heeft deze regering gekozen en steunt ze nog steeds. QED.

 

Voor mij is dat een evidentie. Moest er een enorm draagvlak zijn, dan zou er massaal gestaakt worden. Voldoende om een signaal te geven en bedrijven plat te leggen. Dat er nu harde woorden vallen vanuit de vakbonden en dat die overal wegversperringen en blokkaders moeten opwerpen, is er enkel omdat ze weten dat als men gewoon het recht op staken uitoefent, er weinig signaal zou zijn want dat er weinig zou te merken zijn behalve misschien bij die paar sectoren die al staken van zodra ze de letters “ST” horen.

 

Het ultieme bewijs dat er geen draagvlak is voor deze harde vakbondsacties, kreeg ik via facebook. Twee vrienden, dames met een behoorlijke geschiedenis en levenswijsheid, gepokt en gemazeld in de vakbonden, gaven te kennen dat ze het nu niet eens zijn met de vakbonden. Deze twee dames staan op hun achterste poten als ik weer een fulmineer tegen de socialisten. Dan raak ik heb duidelijk in hun hart. Zij hebben militant geweest in periodes dat vakbonden echt nodig waren en eigenlijk terecht dat ze zich op dat verleden beroemen. Maar ook zij vinden het verkeerd wat er nu gebeurt. Beiden vertellen dat “in hun tijd” het recht op staken nooit het recht op werken in de weg mocht staan. Zij stelden piketten op om anderen te overtuigen mee te staken, maar wie wilde werken, werd doorgelaten.

 

Het feit dat net deze twee dames nu instemden met mijn facebook post, is voor mij het bewijs dat er geen democratisch draagvlak is, zoals Bart De Wever nog fijntjes aanhaalde deze morgen in De Zevende Dag. De meeste mensen beseffen dat er goede tijden en slechte tijden zijn en dat als we ooit terug goede tijden willen, we nu wat zuiniger moeten zijn. De vakbonden lijken voor iets anders te strijden, iets wat we niet snappen, een verborgen agenda.

Want ook de studiediensten – diensten die vroeger knappe koppen met moed zoals Jean-Luc Dehaene voort brachten – van de vakbonden moeten beseffen dat de miljoenen (meer dan een miljard misschien al) die verloren zijn gegaan door de staking, binnenkort bijkomend bespaard moeten worden. Intussen staken we onze economie kapot.

 

Ik vrees dat de vakbonden en het socialisme aan de top daarvan, een pervers spel speelt. Zij zijn pakken kiezers kwijt omdat ze in de vorige eeuw de arbeider de kans hebben gegeven middenklasser te worden. Hun enige winst zit er in om terug een pak hulpbehoevende kiezers te creëren, zodat de oude tegenstelling tussen patroons en arbeiders kan ingevoerd worden. Enkel links spint garen bij het oprakelen van de tegenstellingen (“N-VA komt enkel op voor 1% van de rijksten” – belachelijke uitspraak want die 1% van de rijksten hebben dan blijkbaar wel 30% van de stemmen en volgens mij is het cijnskiesrecht mede door de socialisten reeds vorige eeuw afgeschaft) om zo terug een proletariaat in het leven te roepen dat van hen afhankelijk is.

De salonsocialisten zien hun eigen macht en rijkdom bedreigd door het feit dat ze niemand meer hebben om onder de knoet te houden. Hoewel het socialisme in wezen een mooie stroming is (als christen zal ik altijd opkomen voor gelijkheid en een ondersteuning van de zwakkeren in de maatschappij), grijpt links naar harde maatregelen om hun gelijk te behouden om het moment dat ze het behalen en dus overbodig worden. Kijk maar naar de USSR…

 

Ik vind vandaag niemand meer in mijn kenissenkring die zegt begrip te hebben voor de stakingen. Iedereen heeft er schrik van, ondervindt er last van en vooral, vindt ze niet nodig. Kunnen de vakbonden dan nog eisen dat hun eisen worden ingewilligd of zitten we op een revolutie van elitair links te wachten zodat de kameraden een partijbureau kunnen installeren van waaruit de “democratie” hun richtlijnen heeft op te volgen, zoniet moet ze opstappen voor de volgende “democratisch” verkozen regering?

 

Intussen zal ik de dag morgen gebruiken om mijn kinderen, die noodgedwongen thuis moeten blijven (en ik weliswaar geen cent minder belastingen moet betalen hoewel de dienstverlening van de overheid om mijn kinderen op te vangen en te onderwijzen weer eens geschorst wordt), uit te leggen dat hun meesters en juffen staken voor hun eigen za(a)k.

 

Open brief aan Klavertje Vier

Beste leerkrachten en ander schitterend personeel van basisschool Klavertje Vier,

 

klavertje vierIk hoorde vandaag dat jullie overwegen om te staken op 15 december, maar dat jullie nog in tweestrijd zijn. Met deze brief wil ik jullie helpen de beslissing te nemen. Laat ik duidelijk zijn in mijn advies: staak niet.

Ik geef jullie daarvoor drie redenen.

 

De eerste reden kan ik gewoon ophalen in mijn open brief ik die jullie schreef in december 2010. Het is economisch niet interessant om te staken, als jullie met de staking willen aangeven dat het Vlaamse onderwijs (terecht) niet de middelen krijgt die ze nodig hebben.

 

De tweede reden is omwille van jullie pedagogische autoriteit. Als jullie staken, leren jullie de kinderen in jullie klas dat als je je zin niet krijgt, je best gewoon zegt “dan doe ik niet meer mee”. Om jullie dus veel problemen te besparen in jullie klas en jullie autoriteit op peil te houden – wat de dag van vandaag al een moeilijke taak genoeg is – adviseer ik jullie dus om niet te staken.

 

Maar de derde en belangrijkste reden zal ik in vraagvorm stellen: zijn de kinderen in jullie klas enkel het lijdend voorwerp van jullie job en bijgevolg dus louter het medium via hetwelke jullie je gerechtigd loon verdienen of zijn ze voor jullie het voorwerp van jullie liefde, affectie en toewijding waarmee jullie ze klaar stomen om waardevolle burgers in onze maatschappij te worden?

In dat laatste geval: gelieve niet te staken. Ik weet dat het niet leuk is dat we allemaal moeten inleveren, maar net zoals in mijn vorige open brief kan ik er toch op rekenen (sic) dat jullie als onderwijzend personeel voldoende noties van wiskunde en economie hebben om te beseffen dat een organisatie waar meer wordt uitgegeven dan verdiend gedoemd is om ten onder te gaan? Per slot van rekening is dat in wezen de reden waarom jullie in de eerste plaats willen staken niet, om voldoende inkomende middelen te behouden in de organisatie die jullie zelf zijn…

 

Gelieve dan even stil te staan bij het feit dat onze sociaal welvarende staat boven haar stand heeft geleefd en dat niet langer aankan. Het is nooit leuk iets te moeten afgeven wat reeds verworven was, maar als de afgifte bestemd is om niet meer te verliezen, what is then the greater loss (even er van uitgaand dat jullie ook voldoende talenkennis hebben)?

 

De middenvinger

 

Kortom, ik wil jullie er eens op wijzen dat als jullie staken, jullie in wezen jullie middenvinger opsteken tegen die kinderen die jullie dagelijks naar best vermogen proberen klaar te maken voor morgen. Voor welke morgen? Een toekomst die er veel minder welvarend uitziet dan nu…? Wat met het argument “jullie moet nu goed leren om later een goede job te hebben” als jullie nu zelf ondermijnen dat er morgen nog een job is?

 

Denk er ook aan dat de generatie die daar nu voor jullie zit en waar jullie zo schitterend zorg voor dragen – waar ik zoveel bewondering voor heb dat jullie dit doen -, later de generatie is die voldoende inkomsten moeten genereren om jullie te laten genieten van een pensioen dat liefst niet pas ingaat op jullie 75ste. Met andere woorden, als jullie staken, steek je ook je middenvinger op naar mekaar en naar jezelf. Want als jullie nu het sociaal herverdelingsmechanisme aanvallen, riskeer je dat de toekomstige generatie helemaal niet meer solidair wil zijn met de vorige generatie die de toekomst voor hen heeft uitgehold door het creëren van een onverwachtwoorde schuldenput.

 

De krekel en de mierKortom, het is misschien eens het moment om op een andere manier dan met een verlengd weekend zaken duidelijk te maken. Geef die dag les, maar geef les op het juiste niveau van hoe we voor mekaar zorgen. Ga aan de slag met het verhaal van de krekel en de mier en toon dat jullie mieren zijn en geen krekels. Die kindjes voor jullie zijn de mieren die mee voor jullie moeten zorgen later; leer hen dus voor jullie eigenbelang om geen krekels te zijn. Spendeer die dag eens niet aan de dagelijkse lessen, maar zoek een manier om eens op hun niveau uit te leggen wat het spreekwoord “de tering naar de nering” zetten betekent. Ga eens op bedrijfsbezoek die dag en toon hen hoe belangrijk het is dat we ondernemers hebben in onze maatschappij. Laat hen allemaal een tekening of een opstel maken voor papa, mama, de burgemeester, de koning, de minister, waarin ze op hun manier duidelijk maken dat we voor mekaar moeten zorgen. En voor de durvers: maak ook een tekening voor de vakbonden.

 

Als jullie dat doen, bereiken jullie veel meer dan met een dag niks te doen. Wil je een goede toekomst, steek dan de 15de december de handen uit de mouwen om de volgende generatie duidelijk te maken dat jullie nu met hen inzitten. Dan zullen zij hopelijk diezelfde bezorgdheid met jullie delen in jullie gouden jaren.

 

Pagina's:1234567...129»